“Ik zie levens veranderen”

Diana van der Stelt begon een IT-bedrijf in Ghana

Naast een IT-bedrijf, startte Diana bootcamps om talentvolle jongeren uit achterstandswijken te trainen voor de arbeidsmarkt. Hier worden hun IT-skills ontwikkeld, maar hebben betrokken docenten en coaches ook aandacht voor de sociale, emotionele en geestelijke noden van de jongeren. Deze aanpak blijkt op meerdere vlakken succesvol en intussen levert het Ghanese IT-bedrijf Trinity Software Center software voor bedrijven in Ghana en Nederland.

“We zijn in 2017 begonnen met het IT-bedrijf en hebben de afgelopen jaren een goede track-record opgebouwd,” vertelt Diana op een zonnig terras in de Randstad. “Maar je moet hier in Nederland eerst iemand zo gek zien te krijgen om met je in zee te gaan.” De energieke, daadkrachtige vijftiger gaat door met een flinke dosis zelfspot: “Ze zien je aankomen: een oudere vrouw met een paar Afrikanen die software verkopen. Jaja!”. Ook helpt de corona-crisis, gaat ze opgewekt verder: “Werken op afstand wordt veel meer geaccepteerd. Daarbij hebben wij het voordeel dat in Afrika geen tijdverschil is met Europa en teams goed virtueel samen kunnen werken.”

Carrière switch

Enkele jaren geleden maakte Diana een opmerkelijke carrière-switch: ze was CFO (Chief Financial Officer) bij het Rijk en besloot om social entrepreneur te worden. Dat besluit nam ze na een cursus loopbaanbegeleiding volgens Ignatius van Loyola bij een Jezuïeten klooster. Overigens wist ze zich ook eerder geroepen tot de haar loopbaan bij de overheid: door een bijna-dood-ervaring op haar dertigste, wijdde ze haar leven en werk aan God toe. In eerste instantie dacht ze dat dit een ‘geestelijke baan’ binnen kerk of zending zou gaan betekenen, maar het werd de ambtenarij. Toch begon dit langzaamaan te wringen: “Ik zag het niet meer zitten om constant reorganisaties te moeten doorvoeren, maar in die periode was er geen ruimte voor een andere aanpak. Ik was 52. Zou ik me neerleggen bij de status quo? Ik zag mezelf over 15 jaar in zo’n lift met spiegels staan met een bos bloemen en een flesje wijn op mijn pensioneringsfeest als ambtenaar. Het voelde niet goed. Daarom ging ik op zoek, en kwam via een interim opdracht met een monnik van de Jezuïeten en die cursus in aanraking. Het leidde tot de vraag : “Heer, wat kunt u met de ervaring en talenten van deze overactieve vrouw? Zaken kwamen bij elkaar en ik wist: social entrepreneurship gaat het worden. ”

Start Bootcamps

De ondernemende dame ziet van nature mogelijkheden, en ging dan ook met verschillende ideeën, projecten en mensen aan de slag. Een aantal leken veelbelovend, maar lukten niet. “Niet alle start-ups slagen,” verklaart ze nuchter. “Dat is bekend.” Maar ze bleef in beweging, en hield intussen haar ogen en oren open. Hoe de bootcamp-training in Ghana uiteindelijk tot stand kwam, is door God georkestreerd – daarvan is Diana overtuigd: “In dezelfde periode dat bij mij de roeping tot social-entrepreneur groeide, sprak God door een profeet in Ghana tot Stanley Dankyira.” (Een Ghanese IT-docent die later haar co-founder zou worden). “Deze profeet verklaarde dat Stanley, zonder dat hij daar iets voor hoefde te doen, voor het eind van het jaar in Europa zou zijn,” gaat Diana verder met haar verhaal. “Toen Stanley dit hoorde, dacht hij bij zichzelf: ‘wat een charlatan!’, want Stanley wilde helemaal niet naar Europa maar verlangde ernaar om jongeren in zijn land perspectief te bieden. Om die reden had hij kortgeleden zijn goedbetaalde baan bij een IT-bedrijf vaarwel gezegd om docent te worden.”

Later dat jaar hoorde Diana via een wederzijdse kennis over Stanley en maakte een beeld-bel afspraak. Beiden ervoeren een diepgaande connectie en Diana zei instinctief: “We moeten elkaar zien en verder over onze ideeën doorpraten. Ik betaal je ticket, kom naar Nederland.” Zodoende zat Stanley eind december 2014 bij de open haard in Diana’s huis om de NGO Maxim Nyansa IT Solutions op te richten. Dit resulteerde na een voorbereidingsjaar, in 2016 in pilots op scholen en uiteindelijk in 2017 de IT bootcamp. “Op Ghanese scholen moeten jongeren dingen uit een boekje uit hun hoofd leren,” licht Diana toe. “Maar ze missen de praktische toepassingen, want dat oefenen ze niet. Daardoor missen ze de aansluiting bij bedrijven. Bovendien hebben jongeren uit achterstandswijken geen sociaal netwerk en komen ze vaak zonder werk te zitten. En dat terwijl IT’ers overal nodig zijn.”

IT-bedrijf Trinity Software Center

Tijdens de eerste bootcamp leerde Diana drie jonge developers kennen die al een klein informeel bedrijf opgezet hadden met lokale klanten. Met hen begon ze het IT-bedrijf Trinity Software Center in Ghana. Diana is betrokken bij het algeheel management en verantwoordelijk voor sales in Nederland. Vier jaar later werken hier zo’n twintig mensen, waar ze software maken voor bedrijven en organisaties in zowel Nederland als Afrika. Ze bouwen webapplicaties en apps, maar werken ook aan IT-oplossingen voor Ghanese scholen. Daarnaast werken ze virtueel samen met Nederlandse projectteams aan complexe IT-projecten. “Op die manier doen we ook aan capacity building, en kan het bedrijf doorgroeien in kennis en kunde,” vertelt Diana. Op diverse vlakken ziet ze groei: “Ik ging regelmatig naar Ghana, maar tijdens de pandemie was dat niet mogelijk. Op afstand was ik betrokken, maar plaatselijk moesten ze veel meer zelf doen. Het versterkte hun zelfvertrouwen, want het gaat prima!”

De jongeren die deelnemen aan de training komen uit achterstand situaties. Niet iedereen wordt zomaar toegelaten, maar ze doorlopen een proces waarbij ze gescreend worden op talent en motivatie. De eerste groep van tien jongeren kwam vanuit het netwerk van Stanley. Intussen is de training bekend; vier jaar later zijn er acht trainingen georganiseerd en ruim honderd jongeren getraind. Naast IT-skills is er veel aandacht voor uiteenlopende sociale skills.

“Als ze voor het eerst op de training komen,” vertelt Diana, “hebben deze jongeren zo’n negatief zelfbeeld. Onderbewust denken ze: ‘Het is een vergissing dat ik hier zit; ik hoor hier niet. Ik zou op de markt als verkoper moeten werken’. Ik heb een keer een getalenteerde jongen die helemaal ingedoken in de klas zat, meegenomen naar een kamer met een grote spiegel. Ik zei tegen hem: ‘Kijk jezelf aan en zeg: ‘Ik word later CEO’ en noemde daarbij de naam van een bekend bedrijf in Ghana. Ik heb het hem verschillende keren laten herhalen en ik zag zijn hele lichaamshouding veranderen. Hij werkt nu bij dat bedrijf en hij doet het heel goed. Het zou mijn niet verbazen dat hij het daar nog ver gaat schoppen.”

Love-deficit

“Veel van deze jongeren hebben zo’n tekort aan liefde,” gaat Diana verder. Ze maakt de vergelijking met een dweil die uitgedroogd en breekbaar is, en dagenlang in water moet weken om soepel te worden. “Zo hebben deze jongeren ook een langdurige onderdompeling nodig in liefde.” Ze vertelt over een jonge traineeDeze stoere vent was helemaal overstuur, toen ik na enkele weken in de training terugging naar Nederland. Hij bracht me met een aantal andere jongens naar het vliegveld. Het was emotioneel, voor hem en voor mij, want je moet je voorstellen: hij had vanaf zijn zesde jaar zijn beide ouders moeten missen, en ik voelde als een nieuwe moeder voor hem. Als je je dan met elkaar verbonden voelt, dan begrijp je de emotie van ons beiden op dat vliegveld. Het voelde voor mij niet goed om weg te gaan en toen ik weer thuis was in Nederland, merkte mijn echtgenoot dit ook en zei tegen me: “Jij moet terug gaan naar Afrika. Je hebt daar zaken af te maken.”

Diepgaande emotionele verbindingen zijn genezend voor deze jongeren, is de ervaring van Diana. Ze is dergelijke verbindingen met verschillende jongeren aangegaan. “Dat zijn nu gezonde volwassenen geworden,” vertelt ze. “Ik dacht dat ik een IT bedrijf begon  met een sociale kant, maar dit is bouwen aan Gods Koninkrijk! Ik mag meemaken dat God geneest, en jongeren hoop en perspectief geeft.”

 

BAM-netwerk

Diana is bemoedigend over de BAM beweging. “Een goede Nederlandse klant van ons heb ik in 2018 op het BAM Congres ontmoet. Op dat congres deed ik ook mee aan een visualisatie oefening van een spreker uit het VK. In die oefening nodigde hij als het ware God uit om tot ons te spreken via ons voorstellingsvermogen, en leidde ons daarin. Tijdens die oefening zag ik als in een film dingen gebeuren rondom ons IT-bedrijf in Kumasi, waarvan een aantal al tot in detail zijn uitgekomen. Dat is zo bemoedigend geweest. Ik geloof dat ook de rest van wat ik in mijn visualisatie zag, zal gaan gebeuren.”

 

Trinity Software Centre >> https://trinitysoftwarecenter.com

 

Welvaart & Waarde creëren

Ontmoet BAM’ers in het buitenland

Een ondernemer in de koffiebusiness in Egypte zal met ons delen hoe ‘Wealth Creation’ eruit ziet in zijn context tijdens dit online event, die de Interserve BAM-club samen met BAM NL organiseert.

 

Verdieping
Op deze avond zal Mats Tunehag ons uitdagen in ons beeld over het creëren van waarde en welvaart. Mats (uit Zweden) is leidinggevend binnen de BAM Global beweging; vanuit die rol heeft hij een wereldwijde blik en bracht denkers bij elkaar rondom dit thema. Zie o.a. het rapport ‘Rijkdom creëren en de rol van de kerk’. 

Het belooft opnieuw een boeiende avond te worden met concrete voorbeelden, inhoudelijke verdieping, inclusief onderlinge interactie en ontmoeting. Opgave via Arco de Leede >> 

Zie onze BAM update >> https://mailchi.mp/cb1876aece49/waarde-en-welvaart-creeren

BAM en gemeentestichting

Het BAM Congres van juni 2021 moeten we opnieuw verschuiven naar later dit jaar. Het wordt 18 en 19 november. Het Congres zal op donderdag en vrijdag plaatsvinden. Op de donderdag besteden we aandacht aan het thema ‘Business en gemeentestichting’.

Dit was ook het thema van het Zoom-event van 16 maart j.l.

Predikant Remmelt Meijer en teamgenoot Ella van den Brandhof vertelden welke kansen zij zien om op een natuurlijke en geïntegreerde manier met buurtgenoten in contact te komen middels café/lunchroom Hemelsbreed in de Bijlmer. Bekijk de trailer van Hemelsbreed Café en de recording van het BAM-Zoom event  >>

Trailer van 2 minuten over Hemelsbreed Café >

De recording van het BAM online event (inclusief trailer Hemelsbreed Café) >

 

 

 

 

Uniqa: BAM in Moldavië

Klaas Evers is mede-oprichter van het Moldavische bouwbedrijf Uniqa. Hij stond ook aan de wieg van BAM NL. Een gesprek met Klaas over zijn beweegredenen, het Moldavische BAM-bedrijf en zijn hoop voor Stichting Business as Mission Nederland.

 

Klaas, hoe ben je ooit betrokken geraakt bij Business as Mission?

“Het ondernemen is bekend voor me, want ik ben opgegroeid in een ondernemersgezin: mijn vader was leliekweker en ook andere familieleden hebben bedrijven. Daarnaast heb ik een hart voor zending en ontwikkelingswerk, en voel me betrokken bij de meest kwetsbaren in de wereld. Dat is ook mede gegroeid doordat ik voor mijn studie Internationale Ontwikkeling een tijdje in Ethiopië en India heb gewoond. Na mijn studie kwam ik in aanraking met BAM via stichting World Partners; daar kwam het allemaal bij elkaar.”

 

Klaas in de video over Uniqa, waarin ze een vacature zoeken voor een projectleider (febr 2021)

 

Wat trok je aan in het BAM-concept?

“Wat mij bij BAM aansprak was ten eerste de holistische insteek die gericht is op impact. Daarmee bedoel ik een diepgaand ‘verlangen’ naar verandering op geestelijk, sociaal en economisch gebied en zodoende het Koninkrijk van God zichtbaar te maken. Het ondernemerschap kan daarbij supermooi ingezet worden, want bedrijven voorzien in werk, inkomen en leveren producten met impact. Dat is op zichzelf al een mooie manier van creëren van economische, sociale, en soms ook ecologische, impact. Daarnaast voorzien bedrijven in zingeving, doordat ze mensen de kans geven mooi werk te leveren waarbij relaties ontstaan. In die relaties kan het Koninkrijk beleefd en gedeeld worden door het samen optrekken, elkaar zien, verbonden raken, vergeven, genezen en samen achter Jezus aan gaan. Door mijn werk bij World Partners heb ik wereldwijd daarvan veel mooie voorbeelden mogen zien in allerlei landen: door ondernemingen heen werden levens veranderd en de Kerk gebouwd. Het mooie van ondernemerschap is ook dat het – als het op een goede manier gedaan wordt – het ook een supermooie manier is van duurzame ontwikkelingsimpact, want je creëert lokaal waarde en inkomen. Het geld dat mensen verdienen wordt weer lokaal uitgegeven en daarmee creëer je weer meer impact, zowel economisch als op andere terreinen.”

Hoe en waarom ben je vanuit World Partners een bedrijf in Moldavië begonnen?

“We werden eind 2014 benaderd door een Nederlandse ondernemer die een verlangen had om impact te hebben in Moldavië middels business. Hij zocht daarbij hulp en partners. Vanuit onze ervaring in Oost Europa konden we dat bieden en we zijn toen samen de markt gaan verkennen en relaties gaan bouwen. Waarom Moldavië? Daar zien we een grote nood vanwege het gebrek aan werk voor veel (jonge) ouders. Veel van hen trekken weg om werk te vinden in West-Europa of Rusland. Dat betekent dat ze hun kinderen achter moeten laten bij grootouders of in weeshuizen. Deze groeien vaak op in gebrokenheid en dit maakt hen extra kwetsbaar voor prostitutie, human trafficking en criminaliteit. Het is onze overtuiging dat deze kinderen bij hun ouders op zouden moeten kunnen groeien, maar dan moet er wel werk en inkomen zijn voor die ouders. Daarom hebben we Uniqa opgezet om juist aan jonge ouders, vooral de vaders, werk te kunnen bieden zodat ze hun gezin niet achter hoeven te laten. Dat ouders weg moeten trekken in sommige gebieden om werk te vinden, zijn bekende feiten. Door een gesprek met een van onze Moldavische medewerkers, krijgen deze feitelijkheden voor mij een gezicht. Een van onze medewerkers,  een vader van twee jongetjes onder de tien jaar, vertelde me terloops tijdens een gesprek dat hij zonder Uniqa nu ver weg in Moskou zou zitten. Door Uniqa hoeft hij zijn gezin niet te verlaten en is er toekomst voor hem in Moldavië. Zo’n gesprek raakt je.”

 

Vertel eens iets meer over Uniqa; wat doen jullie vanuit dit bouwbedrijf?

“We produceren prefab panelen in een arme regio in het zuiden van Moldavië. Daar konden we een fabriek opzetten, omdat we er veel contacten hadden en er mensen waren met bouwervaring die werk zochten. Het idee voor het produceren van prefab panelen kwam tot stand via het contact met een Nederlandse ondernemer die een nieuwe techniek had ontwikkeld die wij mochten inzetten in Moldavië. We zagen hier kansen omdat prefab ook op afstand geproduceerd kan worden.”

Wat hopen jullie verder, naast werkvoorziening, te bereiken?

“We proberen in alles aan onze werknemers te laten zien dat we God willen volgen in en tijdens het werk. Zo beginnen we elke dag met gebed. Gedurende het overleg binnen de teams, delen we wat ons bezighoudt, motiveert en hoe we Gods wil in allerlei zaken proberen te zoeken. Naast het bieden van werk willen we onze werknemers helpen om te groeien in hun persoonlijke ontwikkeling, en moedigen hen aan dat ze op hun beurt weer een positieve kracht zijn in hun omgeving. Als Uniqa proberen we ook een cultuur te creëren van betrokkenheid, openheid en eerlijkheid. De bouw kan soms een grove sector zijn, maar wij willen het anders doen. Het is bemoedigend om van partners en klanten te horen dat ‘het bij ons op de bouw anders was’. Ze noemen dan zaken als geen gevloek en een gevoel van saamhorigheid. Hoewel we dat soort dingen niet eens bewust besproken hebben, blijkt dat dit ontstaan is en daar zijn we dankbaar voor.

Daarnaast willen we voor buitenlandse en lokale ondernemers een voorbeeld zijn in Moldavië door hen te laten zien dat er toekomst is voor bedrijven en dat hier goede ondernemerskansen liggen. Want het is onze ervaring dat de lokale mensen graag willen, handig zijn en ook toegewijd. Het is bovendien een heel gastvrij land, waar mensen je hartelijk ontvangen.”

Ten slotte nog iets over Business as Mission Nederland. Hoe raakte je daarbij betrokken?

“Door mijn werk bij World Partners ben ik al tien jaar bezig met BAM en ik wilde graag dat BAM in Nederland breder bekend zou worden, zodat meer ondernemers BAM toe gaan passen in Nederland, maar ook betrokken raken bij BAM wereldwijd. Er liggen zo enorm veel kansen om via bedrijven het Koninkrijk te bouwen! Zelfs in de meest gesloten landen! Toen het eerste BAM Congres in Dordrecht georganiseerd werd, was ik vanuit mijn rol bij World Partners mede-organisator. Daarnaast was ik ook al in gesprek met andere mensen om te kijken of we BAM Nederland meer invulling konden geven. Uiteindelijk kwam een groep enthousiastelingen bij elkaar vanuit verschillende achtergronden en werkrollen. Vanuit die verschillende proberen we nu samen BAM Nederland vorm te geven. Dat maakt mij enorm blij, dankbaar en enthousiast!”

Wat zie je gebeuren en waar hoop je op?

“Het is bijvoorbeeld tof om te horen van ondernemers dat ze door het BAM Congres echt een nieuwe blik op ondernemen met en voor God hebben gekregen en hun verlangen om meer missionair te zijn echt concreet willen maken in hun business. Daarnaast word ik enorm bemoedigd door verhalen van ondernemers die – zonder dat ze daar het woord BAM aan koppelen – echt met God ondernemen, Hem en Zijn Geest uitnodigen in hun bedrijf en activiteiten, en zoeken hoe ze zijn Koninkrijk zichtbaar kunnen maken. Dat bemoedigt mij enorm en ik hoop ook echt dat dit meer en meer de ‘gewoonte’ gaat worden voor christen-ondernemers. We willen geen selecte groep zijn, want het is ons verlangen dat elke christen die ondernemer is dat op een holistische manier doet en op haar/zijn manier impact nastreeft en dat ook zal zien gebeuren op geestelijk, sociaal en economisch niveau – in en dóór hun bedrijf!”

Middels deze video op de Uniqa site krijg je een indruk van het bedrijf.

Meer over Uniqa zie www.uniqa.md  

en op uniqaprefab.nl

De Betenboughs: bouwen aan mensen in je bedrijf

BAM online event 26 januari 2021

Rick & Holly Betenbough: vanuit liefde bouwen aan mensen 

Betenbough Homes bouwden ruim 7000 huizen in Texas; ze bouwden ook aan een ‘Koninkrijk’ cultuur onder de werknemers. Het echtpaar vertelt openhartig over hun eigen ontdekkingsreis.

Bekijk de teaser en of de gehele opname >>

 

In dit artikel achtergrond over de Betenbough’s.

Dit is een verslag van de Nieuwjaarsbijeenkomst van CBMC in 2019. Daar spraken Rick en Holly Betenbough, evenals enkele van hun werknemers. 

‘Love your people!’

Verslag door Gea Gort

Mijn verwachting was niet hoog: ondernemers uit Texas die op het Nieuwjaarsevent van CBMC de hoofdsprekers zouden zijn. Begrijp me goed, ik hou van Amerikanen en heb veel van hen geleerd. Toch had ik last van vooroordelen zoals: ‘Die Amerikanen met hun grote woorden en visies’. Nou, ik had het goed mis! Dit waren ondernemers met een diepgaande en doorleefde boodschap over het liefhebben van de mensen die God op het werk aan je heeft toevertrouwd. Dit gaat over het ontwikkelen van een bedrijfscultuur waar Gods Geest kan werken. Ik hing aan hun lippen! Evenals de meeste andere honderdtwintig CMBC’ers op de donderdag, en de zestig die de workshops op vrijdag volgden.

Wie zijn die Texaanse ondernemers?

Een team van vier leidinggevenden vanuit het bouwbedrijf Betenbough Homes waren bij ons, waaronder de eigenaars Rick en Holly Betenbough. Ze komen uit een klein plaatsje in het westelijk deel van Texas en samen met de 220 werknemers bouwen ze betaalbare huizen in de regio. Drie jaar geleden werd het echtpaar gevraagd te vertellen hoe ze Gods Koninkrijk gestalte zien krijgen op hun bedrijf.  Ze deelden hun verhaal op een grootschalig event van de Global Leadership Summit in Chicago. Hun getuigenis op dit event zette zoveel in beweging dat ze daarna Kingdom at Work als onderdeel en voortvloeisel vanuit hun bedrijf hebben opgezet. Want samen met het leidinggevende team van Betenbough willen ze ondernemers met hun verhaal inspireren om hun ‘bediening op het werk’ serieus te nemen. De kernboodschap op het Nieuwjaarsevent was: love your people.

Een machine die moet blijven draaien

Dat liefhebben was niet vanzelfsprekend, in ieders geval niet voor Rick. “Ik zag mijn mensen vooral als onderdeel van een grote machine – ons bedrijf – die gaande moest blijven,” erkent Rick tijdens een groepsgesprek aan onze tafel. “Het voelde kwetsbaar om anders met hen om te gaan, want zou het bedrijf dan wel goed blijven draaien?” Zijn vrouw Holly zag dat door de taakgerichtheid van haar echtgenoot, hij het menselijke aspect over het hoofd zag en daagde hem uit om zijn mensen lief te gaan hebben als zijn eigen kinderen. “Ik wist niet hoe dat zou moeten, daarom vroeg ik aan God om het me te leren en om mijn hart te breken.” Dit was 2003. God heeft Rick zijn gebed verhoord. Een crisis bracht een doorbraak.

Rick & Holly Betenbough

Muur

“Er is vaak een onzichtbare muur tussen werknemer en werkgever,” vertelt Rick vanaf het podium. “Bij ons veranderde dat door een persoonlijke crisis.” Een van de kinderen van Rick en Holly, die in een stadje in de buurt woonde, liep niet meer op het rechte pad. Een werknemer had hierover gehoord, en vroeg hen ernaar. Nu stonden Rick en Holly voor een keuze: gingen ze zelf het personeel vertellen wat er gaande was, of zou het personeel de verhalen via-via gaan horen? Ze besloten om het personeel bij elkaar te roepen en de familiecrisis met hun mensen te delen. “Die ochtend, op weg naar het bedrijf, werden we aangevallen door leugens,” vertelt Rick. “Leugens zoals ‘Doe dit niet! Het is beter om je personeel op afstand te houden’. Maar we voelden dat God dit van ons vroeg.” De hele familiesituatie was hartverscheurend voor Rick en Holly, en tijdens het vertellen, hielden ze het niet droog. “Onze mensen huilden met ons. We werden omhelst,” vertelt Rick met een brok in zijn keel. “Het voelde alsof ze naast ons kwamen staan; de onzichtbare muur die er altijd was geweest, verdween als sneeuw voor de zon.” Een werknemer, die ze als heel waardevol voor het bedrijf beschouwden, vertelde hen dat hij een drugsverleden had, maar altijd bang was geweest dat zij erachter zouden komen. Zijn verhaal gaf hen hoop en ze dachten: “Als God hem had vrijgezet, zou Hij dat ook met ons kind kunnen doen!” Rick was daarnaast geschokt te horen, dat deze werknemer zich op het bedrijf nooit echt veilig had gevoeld. Dit versterkte zijn besluit om op alle niveaus binnen het bedrijf aan authenticiteit te werken en een veilige plek te creëren. “Als leider moest ik daarin het voortouw nemen en het zelf ook gaan doen,” vertelt Rick.

Intentioneel en structureel

Rick werkt graag efficiënt; of het nu om het bouwen van huizen gaat of het bouwen van mensen. Niet alleen hijzelf leerde om lief te hebben, maar betrok bewust zijn hele team daarbij. “Wij zijn eerlijk, echt en persoonlijk met elkaar geworden binnen ons managementteam,” vertelt Rick. “Soms kan het een valkuil zijn om onze moeiten buiten de deur te delen, in peer-to-peer groepen zoals we hier nu aan tafel doen. Maar we moeten juist leren om dat te doen met mensen met wie we dagelijks samenwerken, en elkaar daar opbouwen.” Dat opbouwen van elkaar, is binnen Betenbough intussen structureel verankerd en onderdeel van de bedrijfsvoering geworden. Hoe dat een plek heeft gekregen, horen we tijdens een workshop op vrijdagochtend. Daarover vertelt Corey Lusk, een van de topmanagers van Betenbough.

Schouder-aan-schouder

“Ten eerste,” begint Corey, “Gooien we mensen niet in het diepe, maar we houden hen binnenboord, in de boot. We hanteren het begrip schouder-aan-schouder. In het samenwerken, houden we voor ogen het de missie van de werknemer is om de taak te volbrengen. De missie van de leidinggevende is om hen daarbij te helpen; niet door antwoorden te geven als ze tegen problemen aanlopen, maar door te luisteren en hen te helpen om zelf de oplossing te vinden.”

Een wekelijks relatiegericht uur

Daarnaast zetten ze wekelijks binnen alle gelederen van het bedrijf een uur apart waar liefde praktisch wordt, zodat een leidinggevende ook inderdaad tijd en ruimte krijgt om zorg te dragen. Door het hele bedrijf heen, heeft elke leidinggevende circa vijf mensen die aan hem of haar rapporteert, zodat deze wekelijks één-op-één tijd met een werknemer kan besteden. Dit uur zetten beiden in de agenda. “Het gebeurt niet vanzelf,” benadrukt Corey. “Een ander moment in de week reserveren we om het werk te bespreken, maar deze tijd is bedoeld om aan de relatie te bouwen, en gaat het over zaken als de levens- en carrièredoelen, gezin of hobby’s van de werknemer. Dit uur is van de ondergeschikte,” beklemtoont Corey. “De leidinggevende bevraagt, de ander praat.”  Als voorbeeld vertelt Corey dat iemand die aan hem rapporteerde niet goed in zijn vel zat. “Ik bad dat God aanwezig zou zijn tijdens ons uur en gelukkig voelde de werknemer zich veilig genoeg om zijn huwelijkscrisis met me te delen.” Deze werknemer kreeg, met zijn toestemming, een plek binnen het bedrijf met minder verantwoordelijkheid, zodat hij tijd en ruimte zou hebben om met behulp van relatietherapie aan zijn huwelijk te werken.

Mensen bouwen

“Zijn huwelijk is gered,” vertelt Corey met tranen in zijn stem. “Mijn missie is het bouwen van mensen, het bouwen van huizen is bijzaak. God zal mij later niet vragen hoeveel huizen ik heb gebouwd, Hij zal mij vragen of ik zorg heb gedragen voor de mensen die Hij aan me heeft toevertrouwd.”

“We hebben het hier ook over tough love,” vervolgt Corey. “We roepen elkaar ter verantwoording en dagen elkaar uit om te groeien. Het gaat diep, het betekent elkaar lief blijven hebben door moeite en problemen heen, liefhebben ondanks, en inclusief fouten en vergissingen.”

Geen ‘strategie voor evangelisatie’

“We zijn oprecht geïnteresseerd in de groei van onze mensen. Het is geen platform voor evangelisatie,” benadrukt Rick, tijdens het rondetafelgesprek na de presentatie van Corey. “Als je een dubbele agenda hebt, merken mensen dat meteen. We care. Punt. Zonder enige bijbedoelingen. En ja, we hebben ook kerkdiensten tijdens ons jaarlijkse bedrijfsweekend, maar dat is geheel vrijblijvend. Tegelijkertijd zien we dat anders-gelovigen zich vrij voelen om daaraan deel te nemen. Ze zien het als iets wat bij ons bedrijf hoort.” Rick refereert aan het Bijbelboek Johannes, waar Jezus driemaal aan Petrus vraagt, ‘Heb je mij lief?’ Op de bevestiging van Petrus, onderstreept Jezus driemaal: ‘Zorg voor mijn mensen die ik aan je toevertrouw.’ Rick houdt de aanwezigen voor: “Als Jezus driemaal iets zegt, dan let ik op. Hieruit kunnen we opmaken dat we God kunnen laten zien dat we van Hem houden door voor de mensen te zorgen die Hij aan ons toevertrouwt.”

Het belang van de bedrijfscultuur

Zoals je leest, waren het op deze bijeenkomsten allesbehalve ‘grote Amerikaanse woorden en visies’. Het is lastig om de diepte van de boodschap van deze stoere én zachtaardige Texas’ mannen en vrouw in woorden te vatten. Mij heeft het geraakt; ik zat op het puntje van mijn stoel. Zoals verschillende lezers weten, ben ik gepassioneerd over Business as Mission en verlang ernaar – evenals Rick, Holly en andere ondernemers – dat we met elkaar veel meer mogelijkheden gaan ontdekken hoe Gods Koninkrijk binnen onze westerse bedrijven gestalte kan krijgen. En ben er sinds de Nieuwjaarsbijeenkomst meer dan ooit van overtuigd: een liefdevolle, veilige bedrijfscultuur is de basis. Het is mijn gebed dat we meer en meer met Gods ogen kijken naar de mensen waar we dagelijks mee werken, zodat zij kunnen groeien en bloeien. Daar begint het bouwen van Gods Koninkrijk: op de werkvloer van onze bedrijven.

Dit artikel is verschenen in het CBMC magazine winter/voorjaar 2019

Meer weten over de Betenboughs, zie dit filmpje 

Onverwachtse wending voor BAM’er in Bosnië

Niels van Slooten ging twee jaar geleden met zijn gezin naar Bihác, Bosnië om een bedrijf te starten. Het plan was om middels JoSiJo Travel avontuurlijke reizen aan te bieden in Bosnië. Ze wilden onder de bevolking wonen, met hen werken en al doende hun geloof uitdragen terwijl ze ook zouden helpen om het land op te bouwen. Wat betreft hun business plannen zag het er eind 2019 veelbelovend uit want diverse trips waren geboekt voor 2020. Helaas, vanwege de epidemie werden ze een voor een afgezegd. Gedurende de zomer was er nog even de hoop dat toerisme spoedig weer op zou leven, maar toen die hoop in duigen viel en ze vooral veel tijd bezig waren met thuis-onderwijs voor hun kinderen vroegen ze zich af wat ze er nog deden. Ze maakten aan hun achterban bekend dat ze terug zouden gaan naar Nederland.

Bihác

Een en ander kreeg echter een nieuwe wending, want het gezin raakte meer en meer betrokken bij vluchtelingen.

Officieel leven er circa tweeduizend vluchtelingen in de drie kampen rondom Bihác, maar Niels schat in dat er nog 1500 tot 2000 op straat leven. Samen met twee lokale gelovigen, hadden ze regelmatig vluchtelingen opgehaald met een busje en in de zomer hielden ze openluchtsamenkomsten in het Farsi. Ze kregen daarbij ondersteuning van een Iraans voorgangersechtpaar, die in Duitsland wonen. Intussen is het plaatselijk echter vooral de familie Van Slooten die het geheel draaiende houdt.

“De situatie is hier uitzichtloos voor vluchtelingen,” vertelt Niels iets over de achtergronden tijdens een Zoom gesprek. “In het begin was er vanuit de plaatselijke bevolking sympathie voor hun situatie, maar dat nu grotendeels verdwenen. We proberen met Bosniërs hierover te praten, maar voor henzelf is het leven hier hard: een oorlogsverleden, een moeizame economie en een nauwelijks functionerende overheid, plus dan nog eens Covid-19 eroverheen. Een bevriende Islamitische ober vertrouwde me onlangs toe: “Ik denk dat God Bosnië vergeten is.” Dat zijn pittige uitspraken en vertelt iets over de situatie hier.”

“In Bihác heb ik de beschikking over een gebouw,” vertelt Niels over zijn interactie met vluchtelingen. “In deze ruimte steek ik elke ochtend de houtkachel aan en de mensen komen er langs voor een gesprek. Verschillende mensen zie ik aandachtig in de Bijbel lezen. Daarnaast houden we een wekelijkse samenkomst met een geïnteresseerde groep in een plaatselijk restaurant. Deze groep is dermate gegroeid dat we hen op moesten splitsen naar twee groepen van ruim 30 mensen. We werken daarbij nog steeds nauw samen met het Iraans-Duitse voorgangersechtpaar.” De Van Slooten familie wordt bij deze initiatieven geholpen door Operatie Mobilisatie (OM) en krijgt op allerlei vlakken veel ondersteuning van hun gemeente in Amersfoort.

 

In de recente BAM-geschiedenis kwam het regelmatig voor dat kerkstichters ondernemers werden, maar hier lijkt het omgekeerde te gebeuren! Voor nu althans, want Niels heeft zijn JoSiJo Travel-droom zeker nog niet opgegeven. Op dit moment zijn het echter vooral de gesprekken met de vluchtelingen die hen in Bosnië houdt: “We bevestigen hen dat hun leven ertoe doet, en benaderen hen met respect en met de liefde van God. Het is bijzonder om de openheid voor het evangelie onder de vluchtelingen mee te mogen maken. Het heeft ons doen besluiten dat we niet terug moeten gaan naar Nederland. We zijn hier op onze plek.”

 

 

Zaligsprekingen van zakendoen

Het boek van Samuel Wells, De toekomst die groter is dan het verleden – een nieuwe weg voor de kerk, heb ik* inmiddels uit. Het is geen gemakkelijke kost; ik moest mijn kop erbij houden. Wat mij met name raakte, waren de “Zaligsprekingen van zakendoen”. Om bij te dragen aan een gezonde mengeling tussen liefdadigheid en commercieel ondernemen, stelt Wells 8 uitspraken voor. Hij refereert daarbij aan de zaligsprekingen van de Here Jezus en geeft daarbij aan dat deze zijn geschreven vanuit het perspectief van de werknemers. Graag geef ik ze hierbij door:

Gelukkig wie nodig zijn, want door te dienen zullen zij hun doel vinden.
Gelukkig wie ingeschakeld zijn, want in samenwerking zullen zij vreugde vinden.
Gelukkig wie opgemerkt worden, want zij zullen verrassende gaven voortbrengen.
Gelukkig wie beloond worden, want zij zullen een cultuur van dankbaarheid scheppen.
Gelukkig naar wie geluisterd wordt, want hun liefde voor leren zal versterkt worden.
Gelukkig wie de ruimte krijgen om te groeien, want zij zullen ontdekken waartoe zij op deze aarde gezet zijn.
Gelukkig wie uitgedaagd worden, want zij zullen laten zien uit welk hout zij gesneden zijn.
Gelukkig wie vertrouwd worden, want zij zullen ook zelf leiders worden.

Het is de tijd van de functioneringsgesprekken, iedere leidinggevende zou uit deze zaligsprekingen vragen kunnen formuleren: vervang “Gelukkig wie” door “Voel jij je?”. Dat zal goede gesprekstof opleveren, een BAM-onderneming waardig. Het gaat dan ergens over! Kerkleiders zouden bovenstaande vragen ook prima aan gemeenteleden kunnen stellen – in het bijzonder aan ondernemers of ondernemende gemeenteleden.

Ook de BAM-beweging zal die vragen moeten blijven stellen: Voel jij je nodig, ingeschakeld, opgemerkt, wordt er naar je geluisterd, word je uitgedaagd en vertrouwd?  Op die manier helpen we elkaar verder. Gelukkig ben je als je nodig bent, want door te dienen zal je, met vallen en opstaan, je doel vinden!

IDEE* levert regelmatig een bijdrage aan de BAM-updates onder dit pseudoniem. Reacties mogen naar info@businessasmission.nl

 

Hoe wijzer ik werd, hoe bezorgder werd ik…

Prediker 1:18 Want hoe wijzer ik werd, des te bezorgder werd ik. Hoe meer iemand weet, des te meer verdriet hij heeft.

Vorige maand werd het “Oxford Economics of Mutuality Virtual Forum” gehouden. Alle lezingen zijn via https://www.eomforum.org/ en dan de link “watch recordings” te volgen. Wie de lezing op het laatste BAM congres van Arleen (Spreek uit; Arliiien) Westerhof kan herinneren, Economics of Mutuality betekent “De economie van de wederkerigheid”. Economics of Mutuality; ik noem het wel eens de grote broer van de Business as Mission familie, die de kans kreeg om te gaan studeren.

Het was trouwens sowieso de maand van de “conferenties” en de mogelijkheden om “kennis te vermeerderen” waarvan overigens Prediker voorspelt dat dit tevens “smart vermeerdert”.

Even op een rijtje:

Met groot plezier noem ik al deze initiatieven, want Stichting Business as Mission wil een verbinder zijn. En tegelijkertijd is er ook een gevaar; de overkill aan leer- en ontmoetingsmomenten zou inderdaad zomaar “smart” kunnen vermeerderen. En ik vroeg me deze week dan ook af of het allemaal wel zo zinnig is. Op die vraag kom ik nog terug.

Deze week gingen mijn vrouw en ik twee nieuwe matrassen bestellen. Hier in Amersfoort zit in de Arhemsestraat een “Slaapcomfort” zaak. Bij binnenkomst zie ik onmiddellijk een bord van Woord en Daad. “BAM” dacht ik. Bij grote aankopen voel ik me vrij om bij aankomst een kop koffie te vragen, na het geven van een toelichting over onze komst. Tijdens het koffiemoment vraag ik naar de relatie met Woord en Daad, en uiteraard (als ambassadeur) vraag ik ook of hij de beweging Business as Mission kent. Voor wat betreft het laatste was het antwoord: “Wel eens van gehoord”. Daarna enige tijd stil gestaan bij de problematiek van de “zondags openstelling”, waar deze Slaapcomfort winkel nog steeds niet aan mee doet. Zijn argument om als christen ondernemer niet open te zijn op zondag bleek veel simpeler dan alle theologische studies over dit onderwerp mij ooit hadden willen doen geloven. Hij verklaarde: “Ik ben op zondag dicht omdat mijn dochtertje me een keer vertelde dat ze zondag de leukste dag van de week vindt ‘omdat papa dan thuis is’.” Wauw, hoe simpel en tevens hoe Bijbels. En dit was gewoon maar een aardig gesprek in een winkel, van hart tot hart met als aanleiding een bord van Stichting Woord en Daad. Uiteraard hebben we daar twee nieuwe matrassen gekocht.

En nu de link met congressen en bijeenkomsten: wat voelde ik me een bevoorrecht mens toen ik de winkel uitstapte, een ontmoeting met een broeder die het waagt om tegen de stroom in te zwemmen. Ik zeg jullie eerlijk; daar kan geen congres tegen op. Zeg ik dan: ga maar niet naar het Business as Mission congres? Of een andere bijeenkomst? Nou nee, dat zou het bestuur me niet in dank afnemen. En uiteindelijk herinneren we ons vooral toch die “aardige broeder of zuster”, en veel minder de inhoud van de lezingen. De kennis inname is beperkt, maar goed ook, want: kennis vermeerdert smart! Maar Business as Mission is als een zuurdesem, hoe klein ook; je moet het gewoon doen! Het doen geeft grote vreugde!

IDEE*

IDEE*: Is een pseudoniem. IDEE levert regelmatig onder dit pseudoniem een bijdrage. Reacties mogen naar info@businessasmission.nl

‘Het is niet makkelijk, maar ik wil me niet voor kansen afsluiten’

Jaarlijks hielp het team van GEJA Werkprojecten een kleine honderd mensen naar regulier werk. GEJA werd ingehuurd door multinationals en op grote bouwprojecten begeleidden hun coaches de mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Onderwijl zat Arjen Ravesloot aan de vergadertafel van bestuurders; vol met innovatieve ideeën om e.e.a. groter aan te pakken. Maar dit jaar liep het anders: Arjen zag zijn bedrijf halveren en moest terug naar de werkvloer om alle zeilen bij te zitten. Hoe zit dat: je hebt visie en je hebt ervoor gekozen om je bedrijf in dienst te stellen van God en medemens – maar blijkbaar geeft dat geen ‘recht op succes’. Hoe gaat Arjen daarmee om? Een gesprek.

 

Arjen, hoe heb je dit jaar beleefd?

“Je bent bezig op een bepaald level met groei, ontwikkeling en innovatie. Dan stort alles in als een kaartenhuis. Omdat onze mensen veelal in de bouw werken, begon het in januari al met de aangescherpte normen rondom stikstof en PFAS waardoor veel grote projecten in de bouw uitgesteld werden of stopten. Toen kwam corona erover heen. Dit alles kwam voor ons hard aan, we konden veel mensen niet meer plaatsen. Ik moest me weer bezig gaan houden met de ‘kleine dingen’: het reilen en zeilen op de werkvloer in plaats van bezig te zijn met het ‘grote denken’. In eerste instantie heb ik een tijdlang lopen balen, mijn eergevoel was aangetast en ik was teleurgesteld in God. Totdat ik werd geconfronteerd met mijn negatieve houding. Ik koos ervoor om waardering te hebben voor de kleine dingen van het hier en nu, en te leven vanuit de wetenschap dat God ons Manna geeft voor elke dag. Ik werd weer dankbaar, want er is zoveel om dankbaar voor te zijn.”

Overleven jullie het als bedrijf?

“Als bedrijf zijn we zo’n beetje gehalveerd qua mensen en omzet, maar we zijn wel financieel gezond. Ik geloof ook in het belang van opbouwen van reserve in goede jaren. De economie is niet altijd stabiel; in de afgelopen twintig jaar dat ik met dit bedrijf bezig ben, zie ik economische cyclussen van zo’n zeven of acht goede jaren, en dan een aantal slechte jaren. Het gaat op en neer. Ik heb ook een profetie gekregen, waar gezegd werd: “Je zal leven als Jozef. Je zult zeven vette jaren krijgen, deel niet alles uit wat je hebt, maar zorg dat je graanschuren vol zijn, zodat je in de magere tijd veel uit kunt delen.” Ik moest lachen toen ik dat hoorde, want toen zag het er helemaal niet naar uit dat het financieel zo goed zou gaan, maar het is wel gebeurd. De afgelopen zeven jaar waren bijzonder goed, en we hebben veel weg kunnen geven. Nu kunnen we bijvoorbeeld ook mensen helpen door geld te lenen zodat starters huizen kunnen kopen en kunnen gaan trouwen. De rente die wij weer terug krijgen geeft ons bedrijf stabiliteit. Jaren geleden kon ik dat niet, nu komen er nieuwe mogelijkheden op ons pad.”

Hebben jullie mensen moeten ontslaan?

“De 100+ mensen die we begeleiden hebben tijdelijke contracten op project basis, die hoefden we niet te ontslaan, maar veel van die mensen zitten wel weer thuis. Dat doet pijn. Door middel van ons bedrijf helpen we kwetsbare mensen, maar om gezond te blijven, waak ik erover om op basis van cijfers te sturen in plaats vanuit emotie. Dat speelde bijvoorbeeld toen ik niet langer alle coaches kon aanhouden. Dat is niet leuk; we zijn nu terug naar zeven stafleden, waarvan vijf begeleiders. We proberen dat samen goed op te lossen en zijn hier sowieso gewend mensen te stimuleren door hen regelmatig te vragen: ‘Is dit nog je plek; wat is je droom en wat wil je nog?’ Doorstroming en flexibiliteit zijn bij ons gemeengoed. Dat kan anders zijn als je een bedrijf hebt waar je samen aan een product werkt met een vast team, maar ook dan kan een seizoen over zijn. Zo kijk ik naar mijn bedrijf: mijn eigen rol daarin, en naar die van een medewerker.”

Hoe zie je de toekomst?

“Ik ben optimistisch. Maar het is geen gemakkelijke tijd, en ik heb soms het gevoel van ‘hoe kom ik deze tijd door?’ en vraag me regelmatig af wat het doel is van deze periode. Welke keuzes moet ik maken? Dat is elke keer weer zoeken. Maar, God geeft nog steeds kansen. We moeten onszelf in een crisissituatie niet voor kansen afsluiten. Als ondernemer hebben we talenten gekregen, die moeten we gebruiken. Met het besef dat ik 100% afhankelijk ben van God, kijk ik vooruit en vraag me af wat nu de mogelijkheden zijn. Dat maakt me enthousiast. Het gaat niet altijd ‘goed’: Paulus heeft driemaal schipbreuk geleden; hij kende zowel honger alsook overvloed, maar God heeft altijd voorzien. We moeten ons niet enkel focussen op de crisis, ik zou zeggen: ga maar bewegen, en kijk waar God deuren opent en waar ze sluiten.”

Wat zou je ons nog mee willen geven?

“Blijf dichtbij God. Laat je niet meesleuren door corona; laat je niet gek maken. Laat los en geef Hem je zorgen; wees in aanbidding, lees je bijbel. Dat relativeert alles. Het geldt voor iedereen, maar zeker voor een ondernemer.”

 

Vacature

Op het hoofdkantoor in Woerden, zoekt GEJA Werkprojecten een bedrijfsleider die op kantoor de administratieve werkzaamheden aan kan sturen. Geïnteresseerd? Kijk op hun site en neem contact op.

Nu voorbereiden, straks gas geven

De toekomst is onzeker. Veel lijkt stil te staan. Het is alsof de wereld haar adem inhoudt: wat gaat er gebeuren, in wat voor wereld leven we straks? De onzekerheid kan verlammen, maar ik hoor opvallend veel geluiden over ‘voorbereiding’; een actief en positief anticiperen op dat wat komen gaat. Zoals Hans Walhout. Hij heeft visie voor economische ontwikkeling in Afrika. En anderen met hem. “Ik verwachtte dat alles stil zou vallen,” vertelt Hans, “Maar in plaats daarvan zijn we aan het voorbereiden om straks gas te kunnen geven.

Onder de vlag van Quadraat Global begeleidt hij bedrijven en ontwikkelingsprojecten in Afrika. Ze zijn voor opdrachtgevers o.a. bezig met het oprichten van een fabriek in Ethiopië, het uitrollen van een housing project en het door ontwikkelen van een softwarebedrijf. “Na het uitbreken van corona was er tijdelijk radiostilte,” vertelt Hans, “Daarna groeide het besef dat het nu meer dan ooit nodig is.”

   Hans Walhout woonde en werkte negen jaar met zijn gezin in Ethiopië waar hij leiding gaf aan een staalfabriek, die vanuit het BAM-gedachtegoed opereren. Vanwege opgroeiende kinderen kwamen ze in 2019 terug naar Nederland. Daarna is hij aan de slag gegaan bij Quadraat Global, één van de bedrijven van Bram Quaak. Hans vertelt: Ik kende Bram al langer, en vanuit een gezamenlijke visie voor economische ontwikkeling van kwetsbare gebieden dragen we vanuit Quadraat Global ons steentje bij. Onze focus ligt op bedrijfsontwikkeling, projectmanagement en training & coaching van expats”

“We waren dus nog maar een half jaar onderweg,” vervolgt Hans, “In januari en februari zag het er veelbelovend uit. Met ons team hadden we een mooie startbaan gebouwd en de wielen leken los te komen. Toen kwam corona, en het voelde alsof ons vliegtuig terug op de startbaan klapte: einde van Quadraat Global! Maar de ontwikkelingen van de afgelopen weken zijn zeer bemoedigend.”

Luisterend naar Hans, herken ik me in zijn verhaal. Ook ik stond begin dit jaar klaar op de startbaan. Toen kwam corona en de verlamming. Vervolgens omdenken: hoe gaan we het nu doen met Business as Mission? Ondertussen groeide de overtuiging van het belang van BAM: ondernemerschap in dienst van God en medemens, geworteld in hoop, geloof en liefde. Ook anderen geloven dit. Samen mogen we optrekken, mét onze God die de weg baant. Daarom kijk ik met verwachting uit naar de toekomst; wat die ook brengen moge.

Tekst Gea Gort, foto’s zijn van site Quadraat Global